Vanaf 1 juli 2015 treedt het nieuw kwekersrecht in werking

Met het Koninklijk besluit (KB) van 12 mei 2015 ter uitvoering van de bepalingen betreffende het kwekersrecht van het Wetboek Economisch Recht (WER), treedt het nieuw kwekersrecht in werking. Het KB legt hoofdzakelijk procedureregels vast, maar er zijn toch enkele belangrijke aandachtspunten:

1. Het KB laat toe dat gevolmachtigden optreden om één of meer handelingen te stellen voor de Dienst Intellectuele Eigendom (DIE). Een origineel exemplaar van de volmacht moet worden neergelegd bij de DIE binnen een termijn van 2 maanden vanaf de mededeling aan de DIE van de aanduiding van de gemachtigde;

2. Aan de door het WER vereiste gegevens die verplicht moeten voorkomen op de aanvraag voegt het KB nog een aantal bijkomende gegevens toe;

3. Ook de "rasbenaming" behoort tot de verplicht op de aanvraag te vermelden gegevens. Vergeet u dit op het ogenblik van de neerlegging van de aanvraag, dan kan hieraan verholpen worden mits betaling van een bijkomende vergoeding aan de DIE.

Indien u (i) zou nalaten om op uitnodiging van de DIE alsnog een rasbenaming neer te leggen of indien u (ii) geen gewijzigde rasbenaming overmaakt nadat de DIE u heeft ingelicht dat de eerder gekozen benaming niet wettig is, dan zal uw aanvraag tot een kwekersrecht worden afgewezen.

4. Een rasbenaming kan onder meer worden geweigerd wanneer zij:

  • op het grondgebied van België inbreuk maakt op het oudere recht van een derde;
  • strijdig is met de openbare orde of met de goede zeden;
  • misleidend kan zijn of verwarring kan veroorzaken met betrekking tot de eigenschappen, de waarde of de identiteit van het ras, of de identiteit van de kweker of enige andere partij.

5. Ook het WER voorziet in een register van aangevraagde en geregistreerde kwekersrechten. Een opzoeking naar bestaande kwekersrechten in een centrale databank blijft vooralsnog onmogelijk. Wel kunnen de bulletins der kweekproducten en de jaarlijkse lijsten van beschermde rassen nog steeds worden geraadpleegd via de DIE. 

6. Opmerkelijk aan de nieuwe wetgeving is dat voortaan niet enkel een verleend kwekersrecht maar ook de aanvraag tot een kwekersrecht het voorwerp kan uitmaken van een overdracht. Nog steeds wordt vereist dat de overdracht in het register van de DIE wordt ingeschreven. Bij gebrek daaraan is deze immers niet tegenstelbaar aan derden.

Hetzelfde geldt voor licenties: Ook de aanvraag tot een kwekersrecht kan voortaan het voorwerp uitmaken van een licentie. Het KB vereist voorts dat de DIE van elke licentie op de hoogte wordt gebracht door middel  van een attest dat de door het KB voorgeschreven gegevens bevat.

7. Het KB bepaalt tenslotte ook de vergoedingen, taksen en toelagen verschuldigd met betrekking tot het kwekersrecht. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen plantenrassen uit de klasse A, B of C:

Klasse A: tarwe, gerst, haver, aardappel, suikerbiet;

Klasse B: rogge, spelt, maïs, grassen, voedergewassen, oliehoudende planten en vezelgewassen, roos, anjer, chrysant, tulp, fresia, azalea, rododendron, begonia, sla, tomaat, witloof, erwt, boon, wortel, schorseneer, bloemkool, ajuin, prei, selder;

Klasse C: landbouwgewassen, uitgezonderd die vermeld onder klassen A en B, tuinbouwgewassen en sierplanten uitgezonderd die vermeld onder klasse B, fruitbomen en fruitheesters, aardbeienplant, sier- en bosbomen, sierheesters.