Ook geloofsgemeenschappen lijken niet te zullen ontsnappen aan de GDPR

Op 19 januari 2017 verzocht een Finse rechter om de uitlegging van de richtlijn betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens. De vraag kwam er naar aanleiding van een nationale procedure als gevolg van een maatregel opgelegd door de Finse privacyautoriteit waarbij het de religieuze gemeenschap van Jehova’s getuigen verboden werd in het kader van hun verkondigingswerk, waarbij zij van deur tot deur gaan, persoonsgegevens te verzamelen of te verwerken zonder de wettelijke voorwaarden voor de verwerking van persoonsgegevens na te leven. 

In essentie stelde zich dus de vraag of deze richtlijn ook van toepassing is op het verzamelen en verwerken van persoonsgegevens door leden van een geloofsgemeenschap in het kader van hun verkondigingswerk.

Het Europees Hof van Justitie heeft zich hierover nog niet uitgesproken, maar recent nam Advocaat-Generaal P. Mengozzi alvast een conclusie waarin hij duidelijk laat verstaan dat Verkondigingswerk waarbij van deur tot deur wordt gegaan niet als een uitzondering kan worden aangemerkt.

Bijgevolg kan een religieuze gemeenschap die dergelijk verkondigingswerk organiseert gekwalificeerd worden als een verantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens, hoewel zij zelf geen toegang heeft tot de door haar leden verzamelde persoonsgegevens.

Indien het Hof deze conclusie volgt, zou dit concreet betekenen dat ook geloofsgemeenschappen als Jehova's getuigen zich aan de GDPR dienen te conformeren.